Pasen

Pasen 2022

Het lege graf

Het was zondagmorgen heel vroeg en nog donker. Maria Magdalena zocht aarzelend haar weg door de schemering naar het graf waar ze Jezus hadden neergelegd. Toen ze bij het graf was, schrok ze. De steen voor de ingang was weggerold. Wat was er gebeurd? Hadden ze Jezus verplaatst? Hadden ze Hem gestolen? Maar wie dan?

Ze liep zo snel ze kon naar Simon Petrus en Johannes, de beste vrienden van Jezus. Hijgend zei ze tegen hen: ĒZe hebben de Heer weggehaald uit het graf. We hebben geen idee waar Hij is neergelegd.Ē Petrus en Johannes gingen samen naar het graf. Ze liepen zo vlug mogelijk, maar Johannes was het snelste en kwam als eerste bij het graf aan. Hij keek naar binnen en zag de doeken liggen waarmee ze Jezus hadden bedekt. Maar hij ging het graf niet in.
Simon Petrus liep wel naar binnen. Hij zag dat de doeken netjes opgevouwen waren. De band die om Jezusí hoofd had gezeten, was opgerold en lag op een andere plaats. Aarzelend kwam Johannes nu ook naar binnen.

Toen was het alsof hij plotseling alles begreep. De verhalen uit de Bijbel die Jezus steeds vertelde. Het waren geen oude verhalen, sprookjes van vroeger. Die verhalen gingen over Jezus en over henzelf. Die verhalen hadden al verteld dat Jezus uit de dood zou opstaan. In de Bijbel stond allang dat God de mensen die Hij liefheeft, nooit zou laten vallen. Ze hadden het alleen niet durven geloven. Maar Jezus wel!